Nederland, een van weinige landen in de wereld met het grootste buitenland.
In de jaren zeventig negatief (of zo u wilt positief; afhankelijk van uw politieke kleur) berucht om die demonstraties om de rode loper maar uit te leggen voor charlatans uit de Sovjet-Unie, de DDR, Cuba en China.
Mulisch, van Thijn, Hofland, zelfbenoemde intellectuelen namen het land in een mentale huodgreep, waarvan de survivors tot op heden nog steeds geen afstand durven of willen nemen.
Nederland, in de 17de eeuw een wereldspeler van formaat. Wellicht niet al te fijnzinnig, net als bijvoorbeeld Engeland, Spanje en Portugal, maar dat gebrek aan ethiek, is altijd een eeuw of vier later makkelijk te veroordelen.
Wie zou u zijn geweest en waar geëindigd als 13-jarig jongetje van werkloze ouders in het Nürnberg van 1932?
Kortom, achteraf is het makkelijk praten en een mening te hebben.
Nederland is een klein land, maar –of het nou zo is of niet- wij verbeelden ons altijd dat we een rol spelen op het wereldpodium.
Natuurlijk, we lachten besmuikt toen JP bij Bush op bezoek ging.
Hij kreeg een kwartiertje audiëntie en gedroeg zich als een eerstejaars-padvinder, die door akela George was betrapt toen hij in het struikgewas met een rietje bezig was een kikker anaal op te blazen.
Dat was nog voordat zo’n would-be kapper door Jack de Vries opdracht had gekregen dat “Als de klok van Arnemuiden”-kapsel enigszins salonfähig te boetseren.
Kort en goed. Nederland wordt getolereerd in de wereld van het geld en de baggeraars.
Het neefje krijgt een boek en zak drop bij een zes op het rapport.
Maar dan! Maar dan!
Ik schrijf dit op vrijdagavond de 9de juli. Nog twee dagen te gaan.
“We” staan in de WK-finale.
Wellicht voor het oog wat saai, maar we zijn ongeslagen doorgedrongen tot het eindspel van het meest prestigieuze toernooi van de wereld.
Voor het oog geen rellen geweest. Geen kleffe vrouwen- en kinderentaferelen op het veld.
Yolanthe heeft weliswaar tussen neus en lippen door Wesley tot het katholicisme weten te verleiden, maar –onder ons- liggende tussen de zwarte satijnen lakens, met de balkondeuren open, na een paar zware Bourgondiërs en slechts het schijnsel van de maan op het bed, lijkt het me vrij lastig zelfs niet zweren dat je in de finale in een oranje jurk van de Bhagwan en op sandalen zou spelen.
Ja, al die grapjes over Sneijder. Het zal wel, maar hij is wel heel erg belangrijk voor Nederland.
De meningen tuimelen over elkaar heen. Bij Jack, bij VI Oranje. Allemaal weten we het precies. Zelfs, Piet de Visser wordt nog steeds serieus genomen. Maar dat vind ik echt te tragisch voor woorden. Natuurlijk is hij heel belangrijk geweest in zijn métier en misschien nog steeds, maar hij moet in bescherming genomen worden, c.q. niet meer op tv verschijnen.
Al die aantekeningen, die kledij, die pruik, dat moet je hem niet aandoen, want zelf ontgaat hem die parodie.
Voor al die tv-programma’s duurt het WK te lang. Ik zet ze elke avond weer aan, maar het wordt een schaamteloze herhaling van zetten.
Jack die Wesley op schoot krijgt, de al dan niet gespeelde vileine een-tweetjes tussen Johan en Wilfred, de schaterlach van René, die inmiddels wel een gat een in die tafel heeft gewreven, want wel lollig doet maar –volgens insiders- redelijk veel anti-depressiva snoept.
Aad de Mos, Ronald Koeman. Ze weten het precies, maar zijn meer ingewijd hoe een Gouden Handdruk werkt dan een team.
De chronisch verongelijkte Hans van Breukelen, die zijn tijd beter kan besteden bij een handoplegger en nog een karrevracht van die zogenaamde experts, die ik bij mij thuis zou vragen straks het licht uit te doen omdat ik nu ga slapen.
Maar ja, het is gefundenes Fressen en ja, ik blijf toch vaak kijken.
Zoals ik ook de meeste wedstrijden via de ARD, het ZDF of de BBC heb gekeken.
Dat oeverloze gelul van die Nederlandse verslaggevers! Vreselijk.
Waarom kun je niet eens even je mond houden?
Waarom moet elke speler aan de bal genoemd worden?
Waarom wil ik weten dat zijn tante Greet ooit de hoofdrol heeft gespeeld in een toneelstuk in Appingedam?
Of dat zijn vader tijdens zijn eerste profwedstrijd in Oude Pekela met hoofdpijn geveld in zijn bed lag, maar dat de buurvrouw dat wijdde aan een overmatig gebruik van Beerenburg?
Nee, Duitsers en Britten doseren.
Maar als je na afloop de analyse volgt tussen Günther Netzer en die gladde studio-presentator, dan word je daar ook niet vrolijk van.
Genee en Derksen spelen die animositeit een beetje; bij de Duitse collega’s spat de weerzin ervan af.
Je ziet ze lijden. Hoe lang moeten we elkaars gezelschap nog tolereren?
Zondag is het zover.
Spanje is favoriet.
Opnieuw eindig ik met ?????????
Ik houd het op 50/50.
Speel vooruit, speel diep op de flanken.
Heb geen angst, zoals de Duitsers vanaf het begin uitstraalden.
En…we hebben Mark van Bommel. Voor mij de beste speler van het toernooi.
Wat een uitstraling, wat een gogme. Slim, sluw, een genie.
Veel plezier zondag en als het lukt, sterkte maandagmorgen!
Cees Seevinck.