In de klassieke Griekse en Romeinse podia werden niet zelden pompeuze toneelstukken opgevoerd met ingewikkelde structuren en complotten.
Als de schrijver het zo onontwarbaar had gemaakt dat een logisch einde niet meer voor de hand zou liggen, dan was de redding altijd nabij door op het laatst een Deus ex Machina aan een touw op de Bühne te laten zakken. Oftewel een God uit een Machine.
Die kwam dan met een wonder of mirakel op de proppen en tenslotte kwam de Olifant met de Lange Snuit en die blies het verhaaltje uit.
Zou mooi zijn als er ook eens zo’n Deus bij ons zou neerdalen, maar dan een echte.
Die met een wijds armgebaar zou roepen: Ik vervang het dak op het clubhuis, ik maak voortaan de wc’s schoon, ik breng de thee in de pauze, ik hang ’s zondags de vlaggen op. Kortom, beste Be Quickers. Schroom niet, vraag wat je wilt en ik doe het in het vervolg.
Helaas daar was dan toch weer die olifant en toeterde ons terug in de werkelijkheid.
De werkelijke wereld van de vrijwilliger.
En die wereld is groot, maar ook weer (te) klein.
Wie “vrijwilligers” google’t krijgt een lawine van hits over zich heen en die kun je grofweg in twee categorieën verdelen. De smeekbedes en klaagzangen om hulp van bijna alle verenigingen in Nederland en de onderzoeken van allerlei al dan niet ambtelijke bureaus dienaangaande.
De laatste categorie goochelt natuurlijk met allerlei statistieken en overbodigheden, want als je subsidie krijgt voor elke geproduceerde bladzijde dan wil zo’n rapport nog wel eens wat groot uitvallen en daardoor onleesbaar worden. Vergelijk het maar met een Europese (sub)commissie die zich maandenlang buigt over een zaak van eminent belang of een gehaktbal niet vierkant moet zijn in plaats van rond. Of dat bananen een bepaalde voorgeschreven kromming dienen te hebben. Ja, lacht gerust, maar het is historisch.
De eerste categorie is de meest basale en geloofwaardige.
Of je in clubverband nou korfbalt, zwemt, voetbalt of sigarenbandjes verzamelt, overal zul je zien dat een er een enorme scheefgroei is tussen de actieven en de passieven.
De halers en de brengers, de het-zal-me-rotzorg-zijners en wat-kan-ik-doeners.
De consumenten vinden het normaal dat alles fijn voor ze wordt geregeld, de producenten moeten maar zien dat alles kant en klaar wordt opgediend.
Ik kan me dan ook werkelijk kapot ergeren wanneer iemand en passant aanmerkingen op iets heeft wat misschien niet deugt en ik weet dat de criticaster zelf nog nooit ene zak voor de club heeft gedaan.
Toegegeven het is the same old story. Hoe vaak heb ik de afgelopen decennia dit onderwerp niet op papier gezet? Misschien wel tot vervelens toe, maar sinds ik ben toegetreden tot het Bestuur is de oorzaak dat onze vergaderingen soms tot middernacht duren gelegen in het feit dat we zoveel tijd moeten gebruiken om het tekort aan vrijwilligers en de daardoor optredende problemen te bespreken.
Iedereen die een beetje ingevoerd is in de club en de ogen niet in zijn zak heeft, weet wie doordeweeks en in de weekenden de tent runt.
Wie vele vele uren in deze vereniging steekt. En –als ze er al bij stil willen staan?- wie vermoedt dat een heleboel van die mensen het zo langzamerhand niet meer als een plezierige hobby beschouwen, maar als dood-ordinair werk dat redelijk slopend kan zijn.
Er is een groep leden waar een beroep op doen op voorhand kansloos is. Zij willen niet. Hebben de meest verschrikkelijke k..smoezen en zijn ervan overtuigd dat het betalen van contributie de ultieme vrijwilligerstaak is.
Daar moet dan ook maar geen tijd aan worden verspild.
Er is ook een groep leden, en die is groeiende, die bestaat uit jongemannen en –vrouwen die bijvoorbeeld kantinewerk doen en hand- en spandiensten leveren bij evenementen als PSV-Sivasspor. Die zijn positief en brengen dat gevoel over op hun omgeving.
Het is zeker niet allemaal kommer en kwel. Geenszins, maar het besef dat er meer mensen nodig zijn om deze club gezellig en plezierig te houden is nog niet overal geland.
Op dinsdagavond 10 november is er weer een avond waarop we proberen het spreekwoord “Vele handen maken licht werk” tot realiteit te promoveren.
Er zijn persoonlijke uitnodigingen verstuurd, maar wie meent dat hij onuitgenodigd kan verschijnen, omdat hij de boodschap van dit verhaaltje goed begrijpt is wat mij betreft hartelijk welkom.
Zo’n Deus ex Machina is derhalve een illusie, maar u bent dat hopelijk niet.
Cees Seevinck.